Aziatische tijgermug: gevaarlijk voor mens én paard

Ze zijn vervelend, bezorgen je jeuk en gezwollen vlekjes op je huid: muggen zijn gewoon irritante beestjes. Maar dat zijn slechts onschadelijke bijwerkingen. Een steek van de Aziatische tijgermug kan het West-Nijlvirus overbrengen en dus levensgevaarlijk zijn.

Paarden laten duidelijk zien wanneer ze lastiggevallen worden door muggen en dazen: ze zwiepen met hun staart, schudden met hun hoofd en galopperen heen en weer op de weide. Tot nu toe waren de venijnige insecten hoogstens vervelend te noemen en veroorzaakten ze gewoon een zwelling op de huid. Maar de onschadelijke insecten krijgen nu een nieuwe soortgenoot: de Aziatische tijgermug. Oorspronkelijk kwam ze voor in warme en tropische gebieden.

Aziatische tijgermug ingeburgerd in Europa
De Aziatische tijgermug is een van de meest invasieve muggensoorten ter wereld. Tijdens de ijzige wintermaanden is ze niet opgemerkt in Duitsland (de mug houdt niet van lage temperaturen, maar hun eitjes zijn er wel tegen bestand), maar nu zijn weer de eerste exemplaren opgedoken in Thüringen en Baden-Württemberg. De tijgermug is wellicht door het toenemende vakantieverkeer in Europa terechtgekomen. In Italië, Spanje en Frankrijk is ze al goed ingeburgerd.

Ze kan bij mensen onder meer gele koorts en malaria veroorzaken. Op paarden kan ze onder meer het West-Nijlvirus en ringwormen overbrengen. Zelfs met een eenvoudige beet kan ze koorts veroorzaken, en het virus of de wormen overdragen, die dan op hun beurt een hartwormziekte kunnen veroorzaken.

West-Nijlvirus: symptomen en behandeling
De steek van de Aziatische tijgermug wordt gevolgd door ernstige jeuk en huidirritaties. Maar dat is nog het minste. Verdere gevolgen kunnen zijn: hoofdschudden, neurologische gebreken en hoge koorts. Vijf tot vijftien dagen na de steek kunnen verlies van eetlust, slecht zicht, slapte in de achterhand, struikelen, spasmen en comateuze toestand voorkomen.

Om aan te tonen dat de symptomen veroorzaakt worden door het West-Nijlvirus, moet een bloedstaal genomen worden. Als het paard inderdaad het virus heeft, is er geen gerichte behandeling. Zoals bij elke virale ziekte, moet het virus symptomatisch behandeld worden en moet je het immuunsysteem ondersteunen. Het is erg belangrijk dat het paard geen secundaire ziekte krijgt.

In het geval van besmetting met het West-Nijlvirus is er een kennisgevingsplicht. Wyroll zegt: ‘Het virus wordt tijdens opleidingen altijd besproken. Maar ik ben er zelf in Duitsland nog nooit mee in aanraking gekomen.’

Vaccineren kan helpen
Vaccineren tegen het virus kan een een beschermende maatregel zijn. Het vaccin wordt in Duitsland nog niet vaak gebruikt, maar het wordt wel ingezet al in landen waar de tijgermug al goed is ingeburgerd.

Daarnaast geldt, zoals voor alle andere muggensoorten, dat vliegensprays en -shampoos kunnen helpen. Vliegendekens en oornetjes kunnen ook een oplossing zijn. Paarden die ’s zomers op de weide staan, worden het beste niet te dicht bij bossen, beekjes of stilstaand water gehouden. Je kiest het beste een weide waar veel luchtcirculatie is. Op die manier is de mug overgeleverd aan haar natuurlijke vijanden.

Paniek is niet nodig: ‘Tachtig procent van de paarden die besmet raakt met het virus, wordt niet eens ziek. Tien tot vijftien procent van de paarden kan griepachtige symptomen krijgen, maar slechts in vijf procent van de gevallen wordt het ernstig.’

Bron: St-Georg