In Siberië is een puntgaaf veulen van 40.000 jaar oud gevonden in permafrost

In Siberië is een perfect bewaard lichaam van een drie maanden oud veulen ontdekt. Het lichaam van het veulentje ligt naar schatting al zo’n 40.000 jaar verborgen in de permafrost.

Ontdooide permafrost
Het veulentje werd gevonden in de Batagaika-krater in Oost-Siberië, op een diepte van zo’n 30 meter. De traanvormige krater is een kilometer lang. In 1960 werd het woud rondom de krater massaal gekapt. Doordat de grond meer werd blootgesteld aan de zon, begon de permafrost te ontdooien en verzakte de grond.

Er kwamen toen ook veel fossielen uit de ijstijd tevoorschijn, bijvoorbeeld mammoeten en bizons. Veel van die fossielen waren dankzij de permafrost goed bewaard gebleven.

Stenen tijdperk
Volgens onderzoekers is de ontdekking van het veulentje uniek. Het lag in een bepaalde laag van de permafrost, waardoor men schat dat het 30.000 tot 40.000 jaar oud is. Het veulen leefde in het paleolithicum, ook wel het stenen tijdperk genoemd. Mensen gebruikten toen stenen werktuigen en waren jagers-verzamelaars.

Onderzoeker Semyon Grigoriev zegt dat er stalen zijn genomen van de laag waarin het veulen gevonden is. Door dat materiaal te analyseren, wil men meer te weten komen over de habitat waarin het dier leefde.

Puntgaaf
Het veulen lijkt compleet te zijn: zowel zijn donkerbruine vacht, manen, staart én interne organen zijn volgens de onderzoekers intact. Volgens een bepaalde bron zouden er strepen te zien zijn op de onderbenen. Het lichaam van het veulen lijkt helemaal onbeschadigd te zijn. Volgens Grigoriev is er eerder nog nooit een compleet jong paard uit dat tijdperk gevonden, dat zo goed bewaard is.

Bron: Horsetalk