Wetenschappers succesvol in DNA-onderzoek Seabiscuit

Wetenschappers hebben DNA uit de hoeven van Seabiscuit kunnen veiligstellen. Ze proberen nu via zijn genen te achterhalen waarom dit paard zo snel was.

Het is alweer meer dan tachtig jaar geleden dat Seabiscuit War Admiral onttroonde als winnaar van de ‘Triple Crown of Thoroughbred Racing’. Wetenschappers willen nu weten: Maakten zijn genen hem zo snel?

Geen geboren talent
Seabiscuit werd geboren in 1933 en stierf veertien jaar later. De hengst was geen geboren talent, maar werd uiteindelijk toch een van de meest geliefde en aansprekende renpaarden ooit.

Hij werd als 5-jarige uitgeroepen tot Horse of the Year nadat hij de legendarische Triple Crown als underdog won van War Admiral.

Invloed van genen
Het Institute for Equine Genomics van de universiteit in het Amerikaanse Binghamton (New York) doet onderzoek naar de invloed van de genen op het succes van renpaarden, maar ook van paarden in andere takken van sport. De wetenschappers doen onder meer onderzoek in opdracht van stoeterijen in de VS, Zuid Afrika en Nieuws Zeeland en baseren daar hun fokadviezen op.

Ze kunnen onder meer van tevoren bepalen of een paard geschikt is voor de renbaan, of dat het hier geen aanleg voor heeft.

Bronze Sea
Het instituut kwam in contact met Jacqueline Cooper van de Seabiscuit Heritage Foundation. Zij wilde de genen van een vijfde-generatie nakomeling van Seabiscuit, Bronze Sea, laten onderzoeken vanwege de fokkerij. Cooper vroeg zich af of het DNA van Seabiscuit met het materiaal van Bronze Sea kon worden vergeleken. Dat leek de onderzoekers onmogelijk aangezien het verwantschap zo ver weg was.

Een vergelijking bleek alleen mogelijk wanneer er DNA van Seabiscuit zou zijn opgeslagen. Een lastige opgave, omdat de bruine hengst vele jaren geleden werd begraven in Northern California.

Hoeven verzilverd
De oplossing kwam van Michael Howard, een achterkleinzoon van de eigenaar van Seabiscuit. Hij vertelde dat de hoeven van Seabiscuit bewaard zijn gebleven en werden verzilverd. Een niet ongewone daad in die tijd. Ze werden nogal eens gebruikt als asbak of als luciferhouders.

De hoeven van Seabiscuit worden tentoongesteld bij de California Thoroughbred Foundation. De hoeven die het laboratorium voor onderzoek in bezit kreeg, bleken in zeer slechte staat. Ze waren bovendien zo ver ‘uitgehold’, dat er bijna geen bot meer aanwezig was om DNA-materiaal uit veilig te stellen.

Hoefbeen
Uit boringen in de hoef is inmiddels gebleken dat er zich nog wel degelijk hoefbeen in de hoef bevindt. Daaruit is onder meer gebleken dat Seabiscuit genen had die zowel talent voor de korte als de langere afstanden vertegenwoordigen.

Deze zeldzame genetische combinatie verklaart waarom hij succesvol tijdens races van zowel een kilometer als die van ruim 2 kilometer. Verder laten zijn genen zien dat hij een laatbloeier was. Paarden met dezelfde genen-types zijn over het algemeen pas op latere leeftijd succesvol.

Bron: smithsonianmag.com